ROTTERDAM - Het gerechtshof Den Haag heeft vandaag een nieuwe beslissing genomen in de zaak van de vrachtwagenchauffeur die in 2021 een politiemotoragent heeft doodgereden. Het hof veroordeelde de vrachtwagenchauffeur eerder voor doodslag tot (onder meer) 9 jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging. De Hoge Raad heeft die beslissing in stand gelaten, maar de zaak teruggewezen naar het hof om een nieuwe beslissing te nemen over de vordering benadeelde partij van de partner van het slachtoffer.

Het hof heeft na een nieuwe behandeling op zitting beslist dat sprake was van een zodanige nauwe persoonlijke relatie, te weten een langdurige, hechte LAT-relatie, dat uit de eisen van redelijkheid en billijkheid voortvloeit dat de benadeelde partij als naaste moet worden aangemerkt. De verdachte wordt veroordeeld om aan de benadeelde partij schadevergoeding te betalen (voor affectieschade en ook voor schokschade). Dit betreft hetzelfde bedrag (totaal € 42.500) als het hof eerder had toegewezen in 2024.